zaterdag 31 december 2011

De beste boeken van 2011 volgens Natascha


Het afgelopen jaar heb ik 54 boeken en zo’n 40 korte verhalen gelezen. Net iets boven mijn minimum van 1 boek per week. In 2010 kwam ik tot 70 boeken. Terugblikkend denk ik het komt omdat ik in 2011 drukker was met ander werk dan in 2010. Volgend jaar hoop ik 80 boeken te kunnen lezen!
Meer cijfers: ik heb 18 Nederlandstalige thrillers gelezen, 17 vertaalde thrillers, 2 Nederlandstalige romans, 11 vertaalde romans, 4 non-fictie boeken, 2 young adult boeken en 1 fantasy roman.
Alle boeken waren zonder meer de moeite van het lezen waard, in ieder boek zat iets moois. Sommige boeken slaagden er in een wereld te scheppen waarin ik lang bleef hangen, ook toen het boek uit was. Andere boeken kostten mij meer inspanning dan ontspanning om ze te lezen. Het verhaal sleepte zich tergend langzaam voort, de plot was te ongeloofwaardig of de auteur wijdde zoveel uit dat het zicht op de plot verdween.
En dan nu mijn toppers van 2011. Dit zijn de boeken die mij zijn bijgebleven, die er op de een of andere manier boven uit stegen, die indruk hebben gemaakt en die ik iedereen wil aanraden om te lezen.

De beste Nederlandstalige thrillers van 2011
Marelle Boersma – Vals alarm
Schokkende feiten, spannend verhaal, levensechte personages
Lieneke Dijkzeul – Verloren zoon
Een echte literaire thriller: zowel literatuur als een politieroman. Om langzaam van te genieten.
Ingrid Oonincx – Botsing
Knap geconstrueerd verhaal, in eerste instantie drie losse verhaallijnen, die daarna met elkaar verstrengelen op onverwachte manier.

De beste vertaalde thrillers van 2011
Chelsea Cain – Zondvloed
Nog weken na afloop gedroomd over overstromingen. Indringend verteld verhaal.
Camilla Läckberg – Vuurtorenwachter
Ieder boek van haar is beter dan het voorgaande. Mooi inzicht in Zweedse samenleving.
S.J. Watson – Voor ik ga slapen
Zelden zo’n goed debuut gelezen. Het zal je maar gebeuren, iedere nacht alle herinneringen over de voorgaande dag kwijtraken. Iedere dag een nieuw begin.

De beste Nederlandse roman van 2011
Florence Tonk – Blijf bij ons
Bijzonder boek. Anders dan andere boeken wat betreft setting en verhaal. Goed geschreven. Boek eindigt met een knal op precies het goede moment.

De beste vertaalde romans van 2011
Natasa Dragnic – Iedere dag, ieder uur
Een boek als een mooi lang gedicht. Prachtig liefdesverhaal in mooie zinnen verpakt, zonder zoet of sentimenteel te worden.
Sarah Winman – Toen god een konijn was
Origineel boek, zowel titel als personages zijn onconventioneel. Lach en traan liggen naast elkaar in dit boek, met veel drama verborgen tussen de regels.
Ann Brashares – Herinner mij
Niet vanwege het liefdesverhaal maar vanwege het idee van onsterfelijkheid van de ziel. Intrigerend gegeven: iemand die zich al zijn levens nog kan herinneren.

Het beste non-fictie boek van 2011
Vincent van Dijk – Amsterdam slaapt
Boek is om twee redenen goed. Amsterdamse hotels door de ogen van een toerist/ervaringsdeskundige. Mooi verhaal wat het met een mens doet om jaar lang geen thuis te hebben.

De beste YA romans van 2011
Kerstin Gier – Robijnrood
Valt op in stroom YA/vampier/fantasy boeken. Intrigerend verhaal, realistische personages, zweempje humor. Gelukkig geen vermomde griezelchicklit.
Marianne & Theo Hoogstraaten – (ff)Out!
Spannende thriller voor YAs. Goed geschreven vanuit perspectief van jongeren.

Het beste fantasy boek van 2011
Marieke Frankema - Dochter van de zilv'ren maan
Terechte winnaar van Castlefest Book Award 2011. Goed geschreven bildungsroman in een middeleeuwse/Keltische/sprookjes setting.

dinsdag 27 december 2011

Koorts van Saskia Noort: Het leven is een groot pretpark

In zeven jaar tijd is Saskia Noort de bekendste Nederlandse thrillerschrijfster geworden. Haar boeken hebben allemaal de bestsellerstatus bereikt en zijn of worden verfilmd. Kortom Saskia Noort heeft niet echt meer een inleiding nodig.
Haar vijfde thriller Koorts bestaat uit twee delen. In het eerste deel dat ongeveer 24 uur duurt, komen Dorien en Ellen aan op Ibiza voor een onvergetelijke vakantie. Op initiatief van Ellen dompelen de twee vrouwen zich onmiddellijk onder in feestgedruis. De dag gaat als in een roes over in de avond en nacht. Ze feesten in afgelegen villa’s. De uitnodigingen kregen ze via hippe drugsdealers. Veel drugs, drank en beats. Leeghoofdig vermaak. Drugs in welkomstcocktail blijkt de normaalste zaak van de wereld. Weet iedereen toch?! Net als de wilde orgieën in de villa’s, alles lekker loslaten. Iedereen feest tot ze er letterlijk bij neervallen. Ergens onderweg raakt Dorien out. Ze komt bij in het gehuurde huisje. Van Ellen geen spoor te bekennen.
Rode draad in het tweede deel is de speurtocht van Dorien naar Ellen. Terug naar de villa’s waar iedereen nog onder invloed van zon, drank en drugs is. Er komt geen zinnig woord uit deze mensen, laat staan dat ze weten waar Ellen is of dat ze weten wie Ellen is. Het verhaal van Dorien wordt afgewisseld met dat van een griezel over zijn houding ten opzichte van vrouwen en hoe hij met opkomende spanning/zin in moorden omgaat. Daarnaast vertelt Ellen in korte stukjes over haar lot.
Het is zeer gemakkelijk om Koorts weg te zetten als oppervlakkige flut thriller over twee 30+ meisjes die nog zo graag willen feesten. Daarmee wordt het boek echter ernstig te kort gedaan. Koorts laat pijnlijk duidelijk zien hoe leeg de party scène is. Het draait alleen om egoïstisch, egocentrisch genot waar iedereen toch recht op heeft. In het eerste deel van Koorts schetst Noort een prachtig en tegelijkertijd afgrijselijk beeld van mensen die doen alsof het leven een groot pretpark is. Alles draait om feesten zonder verantwoordelijkheidsgevoel alsof er geen morgen komt. Lekker doen waar je zin in hebt, zonder verplichtingen. Slechts het genieten telt, als is het de vraag of er wel zo veel echt wordt genoten…
Als het mis gaat zijn ze niet in staat om eigen problemen op te lossen. Ellen verdwijnt en Dorien weet zich geen raad. Gelukkig heeft zij een redder in de vorm van Nick. Net zo goed als dat ze in Nederland haar ex-vriend Joost had. Zou Dorien het zonder Nick, Joost of Ellen wel redden in het leven?
Ellen en Dorien doen in het eerste deel van het verhaal geregeld domme dingen waarvan ieder weldenkend mens die niet verhit is door zon, pillen of seks weet dat het niet handig is om te doen. Noort heeft van Dorien een realistisch personage gemaakt. Ze hobbelt als een dom gansje door het leven, zonder eigen initiatief of verantwoordelijkheid. Dat de gebeurtenissen haar niet veranderen is eveneens zeer realistisch en overtuigend. Regelmatig zijn vrouwen zoals Dorien in het nieuws omdat hen iets naars is overkomen. Net zo goed als dat het hele leven hen overkomt.
De, voor Saskia Noort typerende, korte staccato, zinnen geven het boek meer vaart. Op naar het onvermijdelijke einde. Jammer genoeg wel met cliché's én een overbodige epiloog. Het had alles bij elkaar wel iets verrassender gemogen met wellicht een donkere/zwarte twist.
In Koorts laat Saskia Noort zien waar ze goed in is: een bepaalde groep mensen in een bepaalde tijd op een bepaalde plaats schilderen. Geen zachte pasteltinten, maar harde, felle kleuren met scherpe lijnen.

dinsdag 6 december 2011

Blijf bij ons van Florence Tonk, eerst lezen dan koken

Not Just Any Blog Tour nr. 8 #blogtournee

Deze keer een kookcolumn, in plaats van een recensie, naar aanleiding van het boek Blijf bij ons van Florence Tonk. De volledige column, inclusief recept en foto's is te lezen op mijn blog Natascha kookt.

Als vrienden op vakantie naar verre oorden zijn geweest, ben ik altijd benieuwd wat ze daar hebben gegeten. Om eerlijk te zijn, vind ik dit soms interessanter dan om te horen wat ze aan bezienswaardigheden hebben bekeken. Ik vind het geweldig in het buitenland supermarkten te bezoeken. (mijn man en kinderen niet) Het liefst hele grote, waar je in kan verdwalen. En dan uitgebreid lopen langs de schappen, verbazen over de enorme keuze en proberen niet de hele winkelkar vol te gooien met lekkere dingen om thuis uit te proberen. (past niet in auto) Na de vakantie thuis lang nagenieten door de, daar gekochte, etenswaren op tafel te zetten.
Een goed alternatief hiervoor, gedurende de rest van het jaar als ik niet op vakantie ben en alles op is, is lezen over eten. Kookboeken natuurlijk, maar ook romans die zich in andere landen afspelen en waarin lekker wordt gekookt.
Blijf bij ons van Florence Tonk is hiervan een mooi voorbeeld. Voordat ik dit boek gelezen had, wist ik niet zoveel van Oekraïene of de Oekraïense keuken. Deze is verwant aan de Russische keuken (beide veel kool en wodka), maar toch weer geheel anders.
Een citaat: "Loeba legt uit dat ze 'vareniki' maakt, Oekraïense ravioli, gevuld met een mengsel van kool en uien. En ze maken aardappelpuree, snijden de meegebrachte kaas in plakjes en leggen deze in concentrische cirkels op kleine porseleinen borden. Behalve de meegebrachte metworst staat er geen vlees op het menu. Er wordt een grote pot ingemaakte tomaten opengemaakt.[...] raakt elke vierkante centimeter van de tafel bedekt met meegebrachte en huisgemaakte delicatessen die rondom schalen vol dampende pasta en aardappelpuree worden geplaatst. De grote hoeveelheid eenvoudige gerechten, op sommige bordjes liggen alleen zorgvuldig gerangschikte schijfjes sinaasappel of biscuitjes, geeft de tafel een feestelijke overvloedige aanblik."

Geweldig, dit zijn precies de dingen die ik graag wil weten. Ik zie zo'n tafel al helemaal voor me.
Ik heb de vareniki gemaakt, aan de hand van een Engelse kookblog en geserveerd met bordjes vol eenvoudige lekkere hapjes. Het kritisch proefpanel bestaande uit man en kinderen was enthousiast. 'Lekker', 'de smaken passen goed bij elkaar', 'de pasta was lekker, de vulling was meer voor grote mensen', 'mag je vaker maken'.
Daar word ik nou blij van! Ik geloof dat ik al weet wat ik ga maken voor oudejaarsavond...

Links
Natascha kookt

Kijk voor het recept op mijn blog Natascha kookt.
Mijn recensie over Blijf bij ons volgt zsm.

maandag 5 december 2011

Nooit vergeten van Nicci Gerrard is een boek om niet snel te vergeten

Samen met echtgenoot Sean French schrijft Nicci Gerrard spannende thrillers onder de naam Nicci French. Het grootste gedeelte van die thrillers gaat over gewone vrouwen die in ongewone en gevaarlijke situaties terechtkomen.

In Nooit vergeten, de nieuwste solo roman van Nicci Gerrard, is de hoofdpersoon, Isabel Hopkins een gewone vrouw die van de een op de andere dag in een ongewone situatie terecht komt. Zij, haar man Felix en drie kinderen vormen een standaard middenklasse gezin. Ze wonen op het Engelse platteland. Zij is onderwijzers, hij is verbonden aan de universiteit. De drie kinderen zijn gezond en voorbestemd voor de universiteit en bijbehorende goede banen.
Tot die ene noodlottige dag. Zoon Johnny studeert sinds kort in een andere stad en heeft ruim een week niets van zich laten horen. Op aandringen van Isabel gaat Felix op onderzoek uit, om te ontdekken dat hun zoon Johnny is verdwenen. Op de universiteit had hij gezegd naar huis te gaan vanwege een ziek familielid. Vanaf dat moment staat het leven van Isabel en Felix op z’n kop. Een speurtocht begint: in eerste instantie rondbellen met vrienden en kennissen en later gevolgd door een grote zoektocht in Londen door alle vrienden, familieleden en kennissen van Johnny en zijn ouders. Johnny wordt niet gevonden en blijft vermist. Wat blijft zijn twee ouders die nauwelijks met het gemis om kunnen gaan. Isabel blijft maar eten koken voor iedereen zonder zelf wat te eten. Ze verandert in een schriel vogeltje dat zo verward is dat ze haar truien binnenste buiten draagt. Felix sluit zich fysiek en geestelijk op in zijn werkkamer. De eerste weken na Johnny’s verdwijning speurt hij koortsachtig naar aanwijzingen op Johnny’s computer. Daarna breidt hij zijn zoektocht uit en zoekt hij alles op over verdwenen personen. In een paar jaar tijd wordt Felix een expert Vermiste personen en puilt zijn kamer uit van de knipselmappen die hij hierover bijhoudt.
Ondertussen hebben Isabel en Felix door hun immense verdriet weinig aandacht voor hun dochters Tamsin en Mia. Voor Tamsin is het niet zo erg. Zij studeert en woont op zichzelf in een andere stad ten tijde van de verdwijning van Johnny. Vlak erna ontmoet ze de liefde van haar leven en verdwijnt het verdriet onder dit nieuwe geluk.
Mia raakt wel beschadigd, door het gebrek aan aandacht voor haar en haar verdriet. De ouders gaan zo op in hun verdriet dat ze haar bestaan helemaal lijken te vergeten. Mia trekt zich terug in zichzelf. Ze krijgt vele kortdurende relaties met mannen die ze evenzo snel weer verbreekt als de man in kwestie te dichtbij komt.
In Nooit vergeten laat Nicci Gerrard met veel compassie en mededogen zien wat een vermissing doet met de achterblijvers. Zij moeten het gemis en het verdriet een plek zien te geven en ondertussen doorgaan met leven. Iets wat niet eenvoudig is.
Met een onderwerp als dit is het lastig balanceren. Enerzijds is het noodzakelijk dat er veel ruimte is voor de gevoelens van de hoofdpersonen zodat de lezer kan meeleven en meelevend kan zijn. Aan de andere kant loert het gevaar van de sentimentaliteit. Het mag er niet te dik boven op liggen. Dan worden personages een karikatuur van zichzelf en doen de gevoelens niet echt aan. De weegschaal slaat voor Gerrard door naar de goede kant. Het oneindige verdriet van Isabel, de obsessieve speurtocht van Felix en de terechte verwijten van Mia zeven jaar later brengt Gerrard overtuigend en herkenbaar in beeld.
Nooit vergeten is een prachtig boek om niet snel te vergeten.


Deze recensie staat, in een ingekorte versie, in BOEK nr. 6 november/december 2011.

Voor altijd van Susanna Tamaro nodigt uit tot filosoferen

De Italiaanse auteur Susanna Tamaro woont op een boerderij in Umbrië. Ze heeft er een moestuin waar ze zelf haar eten verbouwt en houdt er dieren. In de winter heeft ze tijd om prachtige romans te schrijven.

Matteo, de hoofdpersoon van haar nieuwste roman, Voor altijd, woont in een klein zelfverbouwd huis op een berg. Net als Tamaro is hij zelfvoorzienend, leeft hij uit eigen tuin en van zijn schapen. Geregeld komen mensen bij hem langs om hun verhaal te vertellen of om raad te vragen. Zij zien Matteo als een wijze man. Anderen komen alleen langs om te kijken wie hij is, denken dat hij fake is. Zij kunnen zich niet voorstellen dat hij daar gelukkig kan zijn zonder groot huis, auto, televisie, telefoon of andere materiële zaken.
Matteo luistert naar iedereen zonder te (ver)oordelen. Hij heeft moeite met zijn rol van wijze man. Het heeft hem vele jaren gekost om op de berg te komen, los te komen van zijn demonen en zich te verzoenen met zijn levensloop.
In een lange brief aan zijn overleden vrouw Nora haalt Matteo herinneringen op aan zijn jeugd, hun leven samen, het ongeluk en zijn leven erna. Hij vertelt haar over zijn lange weg naar de berg en waarom hij nu pas weer gelukkig kan zijn. In een ver verleden had Matteo alles schijnbaar goed voor elkaar: een goede baan als cardioloog in het ziekenhuis, thuis zijn grote liefde Nora en hun zoontje Davide. Door een ongeluk verliest hij in een klap zijn vrouw, hun zoontje en hun ongeboren dochtertje. Matteo raakt helemaal de weg kwijt. Hij vlucht in one-night stands, kortdurende affaires en drank. Pas een half mensenleven later vindt hij zichzelf terug en kan hij weer het vuur in de dingen zien.
Susanna Tamaro schrijft in vloeiende, zorgvuldig geformuleerde zinnen, die ervoor zorgen dat het lezen van het verhaal een waar genot is. Voor altijd staat vol met treffende wijsheden. Geen tegeltjesteksten maar mooie levenslessen. Een hiervan ter illustratie: ‘Jij bent in mijn leven verschenen en er plotseling weer uit verdwenen. Jarenlang heb ik fanatiek gezocht naar wat ik was kwijtgeraakt, zonder te beseffen dat ik me niet moest richten op wat afwezig is, maar op de betekenis die het verlies kan hebben voor de rest van mijn leven.’
Voor altijd is een boek dat uitnodigt tot filosoferen over het leven, liefde, verlies, geluk en wat een mens hiervan kan leren.
Na lezing zal de lezer nog lang blijven mijmeren over wat er nu echt toe doet in het leven.


Deze recensie is in een ingekorte versie te lezen in BOEK, nr. 6 november/december 2011



woensdag 9 november 2011

(ff)Out van Theo en Marianne Hoogstraaten: een onderhoudende YA thriller

Naast spannende thrillers voor volwassenen, zoals Machteloos en Schijnwereld, hebben Marianne en Theo Hoogstraaten ook Young Adult thrillers geschreven. (ff) Out is de nieuwste YA thriller van hun hand.
Op het laatste hoofdstuk na, beslaat (ff)Out een week, waarin het leven van zes jongeren voorgoed zal veranderen. De week begint op zaterdag, de belangrijkste dag in het leven van een tiener. De vriendinnen Lianne en Roxanne gaan shoppen om een geschikte, lees uitdagende, outfit te kopen voor het schoolfeest en de disco. Joël heeft van zijn zus een fles met, door haarzelf gemaakte, GHB gestolen. Hij vraagt zijn vrienden Frank en Brice of die mee willen doen met de verkoop ervan. Frank heeft al een tijdje verkering met Lianne, terwijl Brice zijn tijd zorgvuldig moet verdelen tussen twee vriendinnetjes. Sjalina ziet hij alleen doordeweeks en met Kimberley gaat hij uit in het weekend.
Na enig aandringen hebben Lianne en Roxanne de ouders van Lianne zo ver gekregen dat ze hen niet ophalen na afloop van het schoolfeest op zaterdagavond. Ze beloven met de taxi terug te gaan, maar zijn dat helemaal niet van plan. Na het schoolfeest willen ze met Brice en zijn vrienden met de auto naar de disco. Iets wat hun ouders maar beter niet kunnen weten.
Op het schoolfeest zijn Joël en Brice druk bezig met de verkoop van GHB. Joël doet stiekem wat in het glas van Roxanne, die hierop heftig reageert. De rest van de avond is zij compleet out, ze zwalkt en hangt vastgeplakt aan Joël als hij tenminste niet bezig is met zijn zaakjes.
Met vervalste ID kaarten lukt het iedereen om de disco binnen te komen. Voor Kimberley is de avond een grote teleurstelling. Ze had zich verheugd op een avondje uit met Brice. In plaats daarvan is hij de hele avond geheimzinnig bezig met Joël, zitten Frank en Lianne aan elkaar vastgekleefd en kan Roxanne nauwelijks op haar benen staan of uit haar woorden komen.
Tot overmaat van ramp moeten ze half over kop de disco verlaten omdat Brice het met een paar jongens aan de stok heeft gekregen. Halverwege de wilde autorit komen ze erachter dat ze achtervolgd worden door dezelfde jongens. De auto vliegt uit de bocht. De politie komt voor een lastige vraag te staan: was het een ongeluk of een misdrijf? Die vraag wordt al snel beantwoord als blijkt dat een van de jongeren niet overleden is door het auto-ongeluk maar door kogels om het leven is gekomen.
(ff)Out is zowel vanuit het perspectief van de jongeren als van een jonge politie-agente geschreven. Dat levert een spannender verhaal op en geeft het verhaal een extra thriller element. Het moderne taalgebruik doet realistisch aan, net als de houding van de jongeren tegenover hun ouders. Het zijn echte pubers die de strijd aangaan met hun ouders over alles en niets. Ze overzien de consequenties van hun gedrag niet en komen daarom terecht in probleemsituaties die sommigen van hen het leven zal kosten.
In eerste instantie lijkt (ff)Out eerder een gewone YA roman over middelbare scholieren. Het boek verandert pas in een thriller na het auto-ongeluk als de politie op zoek gaat naar de schutter.
Marianne en Theo Hoogstraaten hebben zich met succes verdiept in de beleveniswereld van jongeren. (ff)Out is een actueel boek waarin vele thema’s voorkomen die onder jongeren zullen leven: uitgaan, drugs, seks, aantrekken/afstoten, grenzen verkennen en afkomst.
Ondanks dat (ff)Out primair geschreven is voor jongeren, is het voor volwassenen ook een aanrader om te lezen. Al was het maar om eens te lezen wat hedendaagse jongeren bezighoudt.
Een minpuntje is de keuze van de namen. Namen zoals Joke, Kimberley en Frank lijken in een ander tijdperk (jaren '70-'80-'90) thuis te horen.
Met (ff)Out hebben Marianne en Theo Hoogstraaten laten zien dat ze niet alleen spannende volwassen thrillers kunnen schrijven maar ook onderhoudende YA thrillers die de doelgroep zeker zullen aanspreken.


dinsdag 8 november 2011

Medelijden met de duivel van Violet Leroy: een vol en heftig boek

In Medelijden met de duivel zijn Sara en Isabel hartsvriendinnen vanaf hun tiende, toen de familie van Sara naast Isabel’s familie kwam wonen. De familie van Isabel woonde al vele generaties in het huis in hartje Amsterdam. Sara’s familie zat tijdens de Tweede Wereldoorlog ondergedoken in het huis waar ze later weer zouden terugkeren. De vriendinnen zien elkaar vrijwel dagelijks. Tot die fatale dag dat Sara wordt doodgeschoten in haar winkel in de PC Hooftstraat. Al snel blijkt uit politieonderzoek dat het geen uit de hand gelopen roofoverval is geweest, maar moord. De zoektocht naar de dader is niet eenvoudig. Sara verhuurde de ruimte boven haar winkel per uur aan geliefden die elkaar in het geheim wilden ontmoeten. De dader zou een bedrogen echtgenoot kunnen zijn.
Bob Goodman, de vriend van Sara woont in Londen en wilde graag dat zij bij hem in Londen komt wonen. Sara vond het moeilijk om Amsterdam en Isabel los te laten. In de weken voor de moord op Isabel, liet Bob niets meer van zich horen. Zijn vrouw was aan boord van The Herald of Free Enterprise ten tijde van de scheepsramp in 1987 en is nooit teruggevonden.
Of is er een verband met de duistere familie geheimen die rondwaren in de families van Sara en Isabel.
Medelijden met de duivel is spannend tot op het laatst. De ontknoping is een echte verrassing en toch overtuigend. Zonder al te veel te willen verklappen verdient het aanbeveling om de laatste kwart van het boek niet vlak voor het slapengaan te lezen. Vele gruwelijke onthullingen. Denk hierbij aan Tokyo van Mo Hayder.
Medelijden met de duivel is een vol en heftig boek. Dit komt door de vele thema’s die worden aangesneden: symbiotische vriendschap tussen twee vrouwen, kunstvervalsingen, bedrogen geliefden, gruwelijke familiegeheimen, (zelf)moord, verraad, seksueel misbruik, de Tweede Wereldoorlog, onderduikers en de Jodenvervolging. De vraag hierbij is hoeveel ellende een lezer aan kan. Een goede reden om te blijven doorlezen is het verhaal zelf, dat goed in elkaar zit. Door de afwisseling in perspectief tussen Isabel en politieman Hofman blijft het verhaal spannend en vlot.
Door de overload aan heftige thema’s en gebeurtenissen komt de geloofwaardigheid wel in gevaar. Het boek als geheel is op het randje. Op een klein punt gaat Violet Leroy te ver. Ze heeft een bijrolletje voor een bejaarde dame die een overlevende van Sobibor is. Slechts een handjevol mensen wisten een ontsnapping uit dit vernietigingskamp uit de Tweede Wereldoorlog te overleven. En dan zoiets bijzonders, iets wat eigenlijk heel groot is, als een detail, slechts in een bijzin noemen. Dat maakt het ongeloofwaardig. Als Leroy een ander concentratiekamp had genoemd zoals bijvoorbeeld Bergen-Belsen of Ravensbrück had het wel geklopt.
Medelijden met de duivel is geen boek dat zich gemakkelijk laat weg lezen. Niet vanwege de schrijfstijl, want die is soepel, maar vanwege de thematiek. Het is echt een boek voor lange, donkere winteravonden. Weer eens iets anders na luchtige zomerse vakantiethrillers.

Deze recensie is ook te lezen op http://wnlww.ezzulia.nl/recensies/auteurs/leroy/medelijdenmetdeduivel.html

maandag 31 oktober 2011

Botsing van Ingrid Oonincx: vier sterren op Crimezone

Het is moeilijk voor te stellen dat Botsing pas het tweede boek is van de Nederlandse schrijfster Ingrid Oonincx. Ze schrijft alsof ze al een heel oeuvre op haar naam heeft. Geroutineerd en trefzeker vertelt ze in Botsing de verhalen van Anna, Lisa en Ewoud.
Anna is een veelbelovende architect en werkt bij een beroemd bureau. Ze reist over de gehele wereld voor haar werk. Ze ontmoet op die manier veel mannen met wie ze vervolgens een one night stands heeft in hotelkamers. Een levensstijl die zo langzamerhand onbevredigend wordt voor Anna. Ze zou graag een duurzame relatie met een ongetrouwde man willen maar daar slaagt ze niet in. De stabiliteit in haar leven zoekt ze in haar baan en hopelijk ook in een eigen huis. Al snel vindt ze een prachtig appartement in een imposante villa. Helaas is haar blijdschap hierover van korte duur. Op de eerste avond in haar nieuwe appartement vindt ze haar net gekregen papegaai gruwelijk verminkt in zijn kooi.
Lisa is directeur van een vliegtuigmaatschappij. Als succesvolle zakenvrouw heeft ze alles onder controle. In plaats van een secretaresse heeft ze een personal assistent die op zakelijk gebied alles regelt. Thuis heeft ze een huishoudster die zowel voor het huis als voor de kinderen zorgt. Haar zorgvuldig opgebouwde bouwwerk stort langzaam in als twee van de fundamenten wegvallen. Haar Poolse huishoudster vertrekt naar huis om voor een zieke moeder te zorgen en haar man vertrekt tijdelijk naar Amerika voor een universitair gastdocentschap. Tijdens het voor de ontspanning broodnodige rondje hardlopen lijkt het wel alsof ze achtervolgt wordt.
Ewoud had alles: goede baan, leuke vrouw, lief dochtertje, mooi huis. En nu? Nu woont hij in een achterbuurt, mag hij van zijn ex zijn dochtertje niet meer zien omdat zij geschrokken zou zijn van zijn woede aanvallen en vlucht hij in de drank. Ondertussen wordt hij hardhandig herinnerd aan de afspraak dat hij in ruil voor veel geld Nederland zou verlaten. Hij zou wel willen maar hij wil zijn dochtertje niet achterlaten. Hij zet alles op alles om haar te kunnen zien.
Botsing bestaat uit drie afzonderlijke verhaallijnen die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben. Het verhaal zit zo ingenieus in elkaar dat de lezer pas op het eind ontdekt wat Anna, Lisa en Ewoud met elkaar verbindt. Iedere verhaallijn is tegelijkertijd een spannend losstaand verhaal en onderdeel van het grote verhaal. Langzaam draaien de verhaallijnen in elkaar, eerst die over Anna en Lisa en in het laatste hoofdstuk volgt de onthulling van Ewoud’s rol in het verhaal. En dan vallen alle puzzelstukjes op hun plaats. Geniaal, goed en overtuigend gedaan.
Botsing heeft alles in zich wat een thriller goed maakt en de moeite van het lezen meer dan waard is. Sterk verhaal, goede spanningsopbouw, interessante realistische personages en een prettige schrijfstijl zonder opsmuk of mooischrijverij. Het zou mij niets verbazen als Botsing hoge ogen gaat gooien bij thrillerprijzen, zoals de Beste Thriller van het jaar van Crimezone.nl of de Gouden Strop.
Deze vier sterren recensie is ook te lezen op http://www.crimezone.nl/.

dinsdag 18 oktober 2011

Allen die gestorven zijn van Ake Edwardson: onevenwichtig boek

Uitgeverij AW Bruna lijkt oudere titels een nieuwe kans te willen geven. Eerder dit jaar werd Het laatste journaal van Petros Markaris uit 1995 opnieuw uitgegeven. Nu is het de beurt aan Allen die gestorven zijn van Åke Edwardson, eveneens uit 1995.
Het eerste hoofdstuk van Allen die gestorven zijn opent met een sublieme scène die werkelijk geniaal is opgebouwd wat betreft spanning en verwachting. Zelden zo’n goede scène gelezen. Het begint heel gewoon met een man die op een bankje langs een oeverpromenade zit. Het is ’s ochtends vroeg, maar al behoorlijk warm. De man en zijn uitzicht worden in detail beschreven. De wind waait zijn haar door elkaar, en de man laat het gebeuren. De lezer begint zich een en ander af te vragen, want hij zit daar al twee uur in dezelfde houding. En dan komt de meesterlijke clou met de verklaring waarom: hij zit met een mes in zijn rug vast aan het bankje.
De dode man blijkt drugshandelaar met vele dubieuze contacten te zijn. Commissaris Sten Ard krijgt de opdracht om deze moord op te lossen. Privédetective en voormalige politieman Jonathan Wide wordt tegen wil en dank bij de zaak betrokken. Er wordt een aanslag op hem gepleegd die een verband lijkt te hebben met deze zaak. Hetzelfde overkomt de weduwe van de drugshandelaar, die vervolgens Wide inhuurt om een en ander uit te zoeken. Grote vraag is of de moord en de aanslagen te maken hebben met de drugshandel in het heden, of dat het allemaal wortelt in een verder verleden. Of hebben de moorden toch een heel ander motief…
Allen die gestorven zijn is een spannend verhaal met een on-Zweedse zinderende hitte. Het laat zich lastig navertellen, want het is een chaotisch verhaal dat van de hak op de tak springt. Allen die gestorven zijn bevat vele verhaallijnen, waarvan sommige niet direct verband lijken te houden met de plot. Zo wordt het niet echt duidelijk wat de rol was van de verhaallijn over het gedrogeerde meisje en de taxichauffeur die haar naar het ziekenhuis bracht. Ook blijven er losse draadjes hangen. Op sommige punten is het boek zeer gedetailleerd, bijvoorbeeld bij de bereiding van eten waar Edwardson vrijwel complete recepten vermeldt en bereidingswijzen uiteenzet. Daar tegenover staan momenten waarop hij met grote stappen door het verhaal gaat, en de lezer het spoor bijster raakt.
Alles bij elkaar levert dit een onevenwichtig boek op. De beginscène is geniaal, en het verhaal is spannend genoeg om door te willen lezen. Zijn schrijfstijl is wel oké, net als de personages die echte mensen van vlees en bloed zijn. Helaas doen de opbouw en verhaalstructuur veel afbreuk aan leesplezier en leesgemak. En toch doet het boek verlangen naar een volgend. Allen die gestorven zijn was in 1995 het debuut van Åke Edwardson. Veel auteurs groeien immers in de loop van hun carrière, en dat - zo weten we intussen - heeft Edwardson duidelijk bewezen.

Drie sterren
Deze recensie is ook te lezen op http://www.crimezone.nl/web/Thriller/9789400500082_Allen-die-gestorven-zijn.htm

Kat en muisspel in Nu jij nog van Katia Lief


Tot die ene noodlottige dag was Karin Schaeffer rechercheur. De dag waarop Martin Price, de domino moordenaar, in koelen bloede haar man en dochtertje vermoordde. Zijn bijnaam dankt hij aan de dominostenen, met een gecodeerde boodschap, die hij vooraf neerlegt in de buurt van zijn toekomstige slachtoffers. Eerder had Price al op gruwelijke wijze een gezin uitgemoord. Die ene dag nam hij wraak op Karin Schaeffer omdat zij verantwoordelijk was voor zijn arrestatie.
Een jaar later denkt zij rust te hebben gevonden nu Price eindelijk opgepakt en opgesloten is. Karin probeert, ook al heeft ze niets meer om voor te leven, een nieuw bestaan op te bouwen in een nieuw huis in een nieuwe buurt. Price weet echter wederom te ontsnappen en een dodelijk kat en muisspel begint. Karin weet dat Price haar zal opzoeken om zijn werk af te maken. Ergens hoopt ze hierop dan hoeft ze de pijn van het verlies niet meer te voelen. Hij dringt inderdaad haar huis binnen. De rollen worden omgedraaid en Karin krijgt de kans Price te doden. Het lijkt zo eenvoudig hem te doden maar lost het iets op? Ze twijfelt lang. Uiteindelijk zal ze veel spijt krijgen van haar beslissing.
Nu jij nog van Katia Lief is een bloedstollende spannende thriller en bevat veel suggestie van gruwelijkheden zonder dat er gruwelijke details beschreven worden. Knap gedaan van Katia Lief. Zij doet overigens niet aan mooischrijverij. Het verhaal wordt rechttoe rechtaan verteld zonder al te veel poespas. Er is veel aandacht voor de depressie van Karin, haar twijfels over haar handelingen en haar opbloeiende gevoelens voor Mac. Dit zorgt er voor dat het onwaarschijnlijke, overduidelijk Amerikaanse verhaal toch geloofwaardig en realistisch overkomt. De plot kent wat verrassende wendingen, net als de lezer denkt te weten hoe het in elkaar zit en al een verdachte op het oog heeft, blijkt het toch heel anders te zijn.
Ontzettend jammer dat er na zo’n mooie en sterke eindscène nog een epiloog volgt. Het verhaal was zonder epiloog veel sterker geweest. Dan bleef er nog wat te raden over voor de lezer. Nu is alles tot in detail uitgesponnen.
Desondanks is Nu jij nog zeker de moeite van het lezen waard. Op de achterflap wordt Nu jij nog een ‘huiveringwekkende vrouwenthriller’ genoemd. Hiermee wordt het boek te kort gedaan. Nu jij nog is een spannende huiveringwekkende thriller voor vrouw én man.

Drie sterren
Deze recensie is ook te lezen op www.ezzulia.nl

vrijdag 7 oktober 2011

Overspel van Nicolet Steemers: intrigerende gecompliceerde thriller

De nieuwe Nederlandse thriller Overspel zou de grote multimediale hit van het najaar kunnen worden. Alle ingrediënten zijn aanwezig: een tv-serie op prime time; een interactieve website; een Facebook pagina en het boek zelf.
Overspel begint met een schoolvoorbeeld van liefde op het eerste gezicht. De dame in kwestie is Iris Hoegaarde, een succesvolle fotografe. Ze is getrouwd met Pepijn van Erkel, een ambitieuze officier van justitie, en is moeder van Menno van zeven. De minnaar in spe is Willem Steenhouwer, advocaat en schoonzoon van de dubieuze vastgoedhandelaar Huub Couwenberg. Hij is getrouwd met Elsie Couwenberg en vader van de zestienjarige tweeling Marco en Marit. Ze ontmoeten elkaar tijdens een expositie met de foto’s van Iris. Zij is naar buiten gegaan om de drukte te ontvluchten. Hij staat buiten te roken. Het is liefde op het eerste gezicht. De affaire begint als zo vele affaires, eerst sms’en en stiekem bellen, later een geheime afspraak op een station, gevolgd door een vluchtige vrijpartij in een hotel. Later volgt het schuldgevoel: een affaire tussen twee getrouwde mensen geeft immers veel complicaties. Zoals te verwachten valt, ontdekken Elsie en Pepijn het overspel. De bedrogen partners voelen zich verraden, ze dachten een gelukkig huwelijk te hebben. Het zijn er niet de mensen naar om dit soort dingen passief over zich heen laten te komen.
De liefde tussen Iris en Willem is extra gecompliceerd doordat Pepijn bezig is met een groot onderzoek naar de handel en wandel van de familie Couwenberg. Pepijn blijkt geen middel te schuwen, binnen of buiten de wet, om zijn doel te bereiken: zijn huwelijk redden én de zaak Couwenberg tot een goed einde te brengen. Hij kan dan eindelijk aan zijn meerderen laten zien wat hij in huis heeft.
Intussen wordt een moord gepleegd. Iemand wordt dood uit het water gevist. Huub Couwenberg, de ‘godfather’ van de familie Couwenberg, voelde zich tot dat moment onaantastbaar en onkwetsbaar. Daarna is hij enkel bezig met het beschermen van wat hem het dierbaarste is en probeert hij koste wat het kost te voorkomen dat de waarheid aan het licht komt.
Pubers Marit en Marco ontdekken de keerzijde van de rijkdom van hun familie. Hun ouders zijn altijd druk aan het werk. Moeder Elsie is bezig haar slechtlopende restaurant te redden en vader Willem is in de weer met de juridische problemen van de Couwenberg-familie. Opa Couwenberg is dol op zijn kleinkinderen, hij stopt ze graag wat extra’s toe. Maar het klusje dat Marco voor zijn opa mag opknappen, is gevaarlijker dan het lijkt. Marit doet intussen verwoede pogingen te achterhalen waar haar familie zich precies mee bezig houdt, zonder na te denken over de consequenties.
Overspel is een intrigerende, gecompliceerde thriller geworden. Het is een soepel geschreven en bij vlagen spannend verhaal. De vele verhaallijnen zorgen in het begin voor verwarring, maar bij doorlezen vallen langzaam de puzzelstukjes op zijn plaats. De personages en hun handelingen zijn over het algemeen realistisch. Op Björn Couwenberg na. Hij heeft, na een auto-ongeluk op zijn zeventiende, een hersenbeschadiging opgelopen waardoor hij zich gedraagt als een kind in het lichaam van een man. Björn praat als een tienjarig jongetje maar kan autorijden en het huishouden doen. Hij gaat het ene moment naar de hoeren en even later speelt hij vol overgave op zijn Playstation.
Het centrale thema van Overspel is in feite niet moord, liefde of overspel, maar familie. Overspel gaat over getroebleerde familieverhoudingen, familiegeheimen, intriges, afwijzing, erkenning en verraad.
In Nederland kennen we een mooie traditie van tv-series over deze onderwerpen. Denk hierbij aan Oud geld, De fabriek, Vuurzee en Stellenbosch. De tv-serie Overspel past hier goed tussen.
Het boek Overspel is geen typisch Nederlandse, psychologische thriller zoals we die kennen van bijvoorbeeld Simone van der Vlugt, Saskia Noort of René Appel, over gewone mensen die ongewone dingen meemaken. Thrillers die maximaal twee of drie verhaallijnen hebben. De andere onlangs uitstekend ‘verboekte’ tv-serie Penoza past wel in dit rijtje.
Schuldgevoel, wrok, lust en angst vormen de belangrijkste psychologische thema’s in Overspel. Deze thematiek, in combinatie met het familiegedoe en de vele verhaallijnen zorgen ervoor dat Overspel een sterke psychologische thriller is, anders dan andere.

Bovenstaande recensie is gepubliceerd in BOEK nr. 5 september/oktober 2011.

Toen god een konijn was van Sarah Winman: sprankelende debuutroman

Na drieëntwintig jaar acteren was de Engelse Sarah Winman toe aan een nieuwe stap in haar leven. Ze besloot een cursus ‘Explore fiction’ te volgen aan de volksuniversiteit. Met succes, want het resulteerde in haar sprankelende debuutroman Toen god een konijn was. Een bijzonder boek met een bijzondere titel.
In Toen god een konijn was, kijkt Elly, een dertiger, terug op haar jeugd en de band die zij had met de belangrijkste mensen in haar leven: haar broer Joe en haar beste vriendin Jenny Penny. Elly vertelt over de jaren die zij met elkaar doorbrachten en de tijd daarna waarin ze bezig was Jenny en Joe terug te vinden. Hierbij lopen de stemmen van het opgroeiende meisje Elly en van de volwassen Elly vloeiend en realistisch door elkaar.
De mensen rondom Elly zijn onconventioneel en excentriek. Zo is daar haar tante Nancy, een lesbische filmster met flair en levenslust. En Arthur, een homoseksuele bejaarde man die precies weet hoe en wanneer hij dood zal gaan. Tot die tijd leert hij Elly waardevolle levenslessen. Zijn beste vriendin Ginger heeft een carrière als Shirley Bassey imitator. En de onzekere moeder van Jenny vele vriendjes en haar zigeunerleven.
De balans in Toen god een konijn was is perfect. Het is een ontroerend, gevoelig verhaal zonder dat sentimenteel wordt. Er zit veel humor in, zodat het niet te zwaar is. Het is nergens hilarisch of over the top. Sarah Winman weet het verhaal mooi te verwoorden, met een prachtige schrijfstijl die niet gekunsteld aandoet.
Het ‘show, don’t tell’ principe beheerst Sarah Winman als geen ander. Tussen de regels door valt meer te lezen dan is geschreven. Veel drama, zoals kindermisbruik, wordt niet expliciet benoemd. De lezer kan het zelf invullen.
Toen god een konijn was brengt de lezer zowel tot lachen als tot huilen. Soms zelfs tegelijkertijd.

Bovenstaande recensie is gepubliceerd in BOEK nr. 5 september/oktober 2011.

woensdag 28 september 2011

- Ingezonden nieuwsbericht - Leuke actie van uitgeverij Signatuur

In november verschijnt bij Uitgeverij Signatuur het boek Fauna van Alissa York exclusief als e-book! U heeft nu al de mogelijkheid dit boek te lezen. Wij zijn namelijk erg benieuwd wat u van het boek vindt. Fauna gaat over dieren en mensen en over de krachtmeting die ontstaat als dier en mens in elkaars gebied binnendringen. Dit hartveroverende verhaal speelt zich af in de jungle van Toronto.
Vindt u het leuk om uw mening te geven over dit verhaal? Wij organiseren nu een speciale actie.
U heeft tot woensdag 5 oktober 2011 de tijd om een zetproef bij ons aan te vragen via laura.hoencamp@awbruna.nl o.v.v. Fauna. Hoort u bij de eerste 30 aanmeldingen? Dan ontvangt u de zetproef. Nadat u het verhaal heeft gelezen ontvangen wij graag uw recensie. Deze moet voor 31 oktober bij ons binnen zijn. Wij plaatsen verschillende recensies op Facebook of op www.uitgeverijsignatuur.nl. Als dank voor uw recensie ontvangt u het e-book van Fauna zodra dit is verschenen.



Het late journaal van Petros Markaris: waarom opnieuw uitgegeven?

De meeste thrillers die in Nederland worden vertaald/uitgegeven spelen zich af in Nederland, Amerika, Groot-Brittannië of Scandinavië. Een Griekse thriller vormt hiernaast een welkome afwisseling. Met een beetje geluk krijgt de lezer naast een spannend verhaal ook een mooie achtergrondschets van de Griekse samenleving. Op het eerste gezicht was het daarom een goed idee van uitgeverij AW Bruna om Het late journaal van Petros Markaris dit jaar voor de tweede keer uit te geven. Deze debuutthriller van Markaris verscheen in 1995 in Griekenland. De eerste uitgave in Nederland was in 2005. Een heruitgave draagt wel een groot risico. De lezer verwacht hoogstaande kwaliteit als een uitgever het aandurft om een ‘ouwetje’ af te stoffen en opnieuw uit te geven. Daarnaast moet het boek moet op z’n minst een tijdloze klassieker zijn om de tand des tijds succesvol te hebben doorstaan.
Markaris schreef Het late journaal begin jaren ’90 in een tijd waarin computers nog nieuwerwetse verschijnselen waren. Mobiele telefoons waren er niet of nauwelijks. De democratie was nog erg pril in Griekenland, na een periode waarin de kolonels aan de macht waren.
Hoofdpersoon in Het late journaal is politiecommissaris Kostas Charitos. In het verhaal komt hij bot, onsympathiek en ongeïnteresseerd over. Hij heeft een slecht huwelijk en maakt met zijn vrouw veel ruzie op een kinderachtige manier. Tegenover zijn collega’s gedraagt hij zich alles behalve collegiaal. Het is moeilijk na te gaan of hij bedoeld is als een levensechte, realistische politieman of als een karakter met uitvergrote eigenschappen.
In Het late journaal denkt Charitos de moord op een jong Albanees stel snel te kunnen oplossen. Een andere Albanees die de pech had in de buurt te zijn, wordt gearresteerd en tot een bekentenis gedwongen. De bedoeling is dat hij vervolgens veroordeeld wordt en dat Charitos hiermee wederom een zaak succesvol heeft afgesloten. Tot ongenoegen van Charitos steekt het net iets anders in elkaar. Televisie journaliste Janna Karajorgi wordt vermoord in een televisie studio vlak voordat ze live in het late journaal zou vertellen over haar ontdekkingen over de moord op het Albanese stel. Karajorgi had ontdekt dat het stel een baby had en dat die verdween rond de moord. Met frisse tegenzin gaan Charitos en zijn collega’s echt op onderzoek uit. Al snel komen ze erachter dat de concurrentie moordend is in televisiekringen en collegialiteit alleen in naam bestaat. De vraag is of dit genoeg aanleiding is voor moord of dat de dader in geheel andere kringen gezocht moet worden.
Het late journaal geeft een interessante inkijk in de Griekse samenleving begin jaren ’90. In het bijzonder in de Griekse misdaad en politie. Het hoge oplossingspercentage van misdrijven is te danken aan de, in Nederlandse ogen, bijzondere technieken van de politie. Vele politieagenten zijn opgeleid tijdens de kolonelsdictatuur en hebben les gehad van militairen in verhoortechnieken. Na een misdrijf wordt de meest voor de hand liggende dader opgepakt. Deze bekent na een paar stevige gesprekken met de politie. Daarna volgt een veroordeling. En klaar maar weer.
Opvallend detail is dat Het late journaal geheel vanuit het perspectief van een local is geschreven. Ondanks dat het boek zich in Athene afspeelt, ontbreekt de toerist. Dit in tegenstelling tot de boeken van bijvoorbeeld Donna Leon over het Venetië van Guido Brunetti, waarin toeristen vaak wel een rol spelen.
Wat niet ontbreekt is de auto. Kostas Charitos verplaatst zich uitsluitend per auto, net als iedere andere inwoner van Athene. In ieder hoofdstuk staat hij wel enige tijd vast in het verkeer of wordt precies vermeld hoe lang hij over bepaalde ritten gedaan heeft.
Alles tegen elkaar afwegende is het onduidelijk waarom AW Bruna dit boek van Petros Markaris nog een keer heeft uitgegeven. De plot is redelijk, afgezien van het einde waarin Markaris het klassieke konijn uit de hoge hoed tovert en het boek afsluit met zo’n verrassing dat het ongeloofwaardig is. Een verhaal heeft iets nodig waardoor de lezer er in gezogen wordt: een sympathieke hoofdpersoon, spanning die van de bladzijden druipt, goede en soepele schrijfstijl etc. Het late journaal heeft geen van deze elementen. De beroerde schrijfstijl valt Markaris wellicht niet aan te rekenen. Het zou kunnen dat het boek slecht vertaald, dan wel geredigeerd is. Zo veel slechtlopende zinnen, taalfouten en stop- en vulwoorden gevonden dat het leesplezier eronder leed.
Het is te hopen dat de latere boeken van Petros Markaris of beter vertaald en geredigeerd worden of dat ze niet uitgegeven worden en andere auteurs een kans krijgen.

vrijdag 16 september 2011

Gevallen van Karin Slaughter: Gemengde gevoelens

Karin Slaughter is een van de best verkochte Amerikaanse thrillerschrijfsters in Nederland. Vorig jaar heeft haar Nederlandse uitgeverij, Cargo, voor haar een eigen imprint opgezet: Slaughterhouse met bijbehorende website. Dit schept hoge verwachtingen voor haar onlangs verschenen boek Gevallen.
Gevallen is het derde en nieuwste deel in de Georgia reeks waarin Will Trent en Faith Mitchell uit de Atlanta-reeks samenwerken met Sara Linton uit de Grant County-reeks. Faith Mitchell krijgt van haar werkgever, het Georgia Bureau of Investigations veel trainingen aangeboden.
Toch is er geen training die haar kan voorbereiden op de verschrikkingen die haar te wachten staan als ze later dan verwacht terugkomt van een computercursus. Haar baby is opgesloten in een schuurtje. Haar moeder, die zou oppassen, is spoorloos verdwenen. Veel bloed in en om het huis. En niet te vergeten een bloederig lijk en na interventie van Faith Mitchell nog twee lijken met wat gaten erin.
Met dit spetterende begin zou een huiveringwekkende rit met de achtbaan, die Gevallen heet, moeten beginnen. Helaas is niets minder waar. In het volgende hoofdstuk wordt de spotlight op Sara Linton gezet. Zij heeft een rampzalige blind date met een arts. Weliswaar met veel humor beschreven maar met zoveel geneuzel erom heen dat het funest is voor de spanning.
De spanning keert pas terug als Will Trent, Faith Mitchell en hun baas Amanda Wagner op jacht gaan naar de Los Texicanos-bende, die achter de ontvoering van Evelyn, Faith Mitchell’s moeder zit. Evelyn nam een aantal jaren geleden ontslag als hoofd van een narcoticabrigade toen bleek dat het team corrupt was en geld achterover drukte. Kan het zijn dat zij daarom ontvoerd is? Of is er toch een andere reden?
Het perspectief in Gevallen wisselt voortdurend tussen Faith, Will, Sara en Evelyn. Enerzijds is het interessant om te lezen hoe de verschillende hoofdpersonen over elkaar denken en is het spannend om een verhaal vanuit meerdere gezichtspunten te kunnen lezen. Aan de andere kant zorgt het voor verwarring en haalt het net iets te vaak de vaart uit het verhaal.
Zo zijn er meer aspecten in dit boek met twee kanten. Leuk om tot in detail over de amoureuze spanning tussen Sara en Will te lezen, met ze mee te leven en te hopen dat ze elkaar eindelijk vinden, maar niet bevorderlijk voor de spanning. Hetzelfde geldt voor de trieste jeugd van Will Trent en zijn vreemde, duidelijk beschadigde vrouw Angie.
Kortom een boek dat zich niet eenvoudig laat beoordelen. Vanuit de positieve kant bezien is het een spannend, intrigerend verhaal met veel diepgang en aandacht voor de personages, hun liefdesleven en hun achtergrond. Goed gedoseerde humor. Helaas laat de negatieve kant een boek zien waarbij de spanningsboog geregeld inzakt, als een soufflé op de tocht. Veel verwarring door de abrupte perspectiefwisselingen. Veel geneuzel over liefdeslevens en tragische kinderjaren. De hoge verwachtingen worden niet ingelost.
Desondanks is Gevallen wel een aanrader. Ondanks dat het een van de mindere boeken van Karin Slaughter is, staat het toch garant voor een paar avonden leesplezier. Want ze slaagt er wel in om een geniale plot te schrijven, die aan het einde de lezer verbijsterd achterlaat.

Deze recensie is ook te lezen op www.ezzulia.nl.

vrijdag 9 september 2011

Voor ik ga slapen van SJ Watson: Fantastisch debuut

Er zijn boeken die je meteen pakken op de eerste bladzijde. De openingsscène is dan zo goed dat die je meteen het boek in sleurt. Voor ik ga slapen heeft zo’n sublieme openingsscène die meteen de toon zet. In het interview met Ezzulia vertelde S.J. Watson dat hij, voordat hij Voor ik ga slapen schreef, een artikel had gelezen over een man met geheugenverlies. Terwijl hij er zijn gedachten over liet gaan, kwam bij hem het beeld binnen van een vrouw die in de spiegel kijkt en schrikt van wat ze ziet. Dit werd het begin van Voor ik ga slapen.
Voor ik ga slapen opent met een scène waarin de hoofdpersoon Christine wakker wordt naast een vreemde man, in een vreemd bed, in een vreemd huis. Als ze naar de badkamer gaat en daar in de spiegel kijkt schrikt ze. Ze ziet een vrouw met kraaienpootjes, iemand die minstens twintig jaar ouder is dan zij. Daarna valt het haar op dat er foto’s hangen met gele plakkertjes waarop Christine en Ben staat geschreven. De vreemde man blijkt haar echtgenoot Ben te zijn die haar vertelt hoe het zit. Ongeveer twintig jaar geleden heeft ze een auto-ongeluk gehad waarbij ze haar geheugen is kwijtgeraakt. Iedere nacht wordt haar geheugen gewist en kan ze zich de volgende dag niets meer herinneren van de vorige dag.
Later die dag belt haar dokter om haar te herinneren aan de afspraak die zij hadden gemaakt voor die dag en om haar te vertellen dat zij haar dagboek in de kledingkast heeft verstopt. Sinds een paar maanden schrijft Christine iedere avond in haar dagboek alles over de afgelopen dag. Ook leest ze terug wat ze eerder heeft geschreven. Door haar dagboek te lezen, realiseert zij zich dat niet iedereen hetzelfde verhaal vertelt. Wie vertelt de waarheid en wie niet? Wie kan ze vertrouwen? Af en toe komen er flarden van haar geheugen langs in de vorm van losse beelden. Langzaam vallen de stukjes van de puzzel op hun plaats en onthullen zij een gruwelijk geheim.
Voor ik ga slapen is een fantastisch debuut. Wat een geweldig boek!
Watson wilde een ‘rustig’ boek schrijven, zonder achtervolgingen en helikopter ongelukken. Het moest zich in een huiselijke, beperkte omgeving afspelen. Voor ik ga slapen is in die zin inderdaad een rustig boek geworden, maar beslist geen saai boek. Het boek is spannend dankzij in plaats van ondanks de beperkte ruimte waarin het verhaal zich afspeelt. Het maakt het boek juist extra beklemmend.
Voor ik ga slapen is vanuit de eerste persoon geschreven. De lezer gaat samen met Christine op ontdekkingstocht naar de waarheid. Wat is er gebeurd en hoe zit het? Watson zorgt ervoor dat de lezer zich goed kan inleven in de gevoelens van Christine. Haar verwarring wordt overtuigend gebracht. Het is natuurlijk ook een hele schok om te ontdekken dat je al eind veertig bent, terwijl je denkt dat je eind twintig bent. Herkenbaar, menig lezer zal zich geregeld ook jonger voelen dan de kalender zegt…Gruwelijker wordt het als blijkt dat Christine niet iedereen om haar heen kan vertrouwen en zij af en toe gewelddadige flashbacks krijgt. Dan wordt Voor ik ga slapen spannend tot op de vierkante centimeter.
Watson laat ziet dat je voor een echte goede pageturner, een boek dat je achter elkaar uit wilt lezen zonder weg te leggen, geen achtervolgingen, bloederige slachtpartijen of gillende sirenes nodig hebt. Een goed geschreven, spannend verhaal met een goede gedegen plot volstaat.
Vijf sterren!


donderdag 1 september 2011

Nicci French vernieuwt zichzelf met Blauwe maandag

Nicci French, de schepster van een nieuw thrillergenre slaat een nieuwe weg in. In 1997 verscheen in Nederland Het geheugenspel, de eerste literaire ofwel psychologische thriller van Nicci French. In de boeken kwamen gewone mensen in ongewone situaties terecht. Nu, veertien jaar later is het tijd voor iets nieuws. Tot opluchting van waarschijnlijk menig lezer, die inmiddels enigszins is uitgekeken op de zoveelste heldin die in de problemen kwam, niet geloofd werd en toch gelijk bleek te hebben.
Om te beginnen is de hoofdpersoon van Blauwe maandag, Frieda Klein, een geheel ander type dan de lezer gewend is. Zij is psychoanalyticus en een tamelijk onconventionele vrouw. Ze loopt graag ’s nachts door Londen als ze niet kan slapen door de onrust in haar hoofd. In haar relaties met mannen heeft ze last van bindingsangst. Ze heeft graag alles onder controle, tot haar frustratie lukt dat niet altijd. Mensen zijn immers onvoorspelbaar, net als hun dromen.
Daarnaast is de plot van Blauwe maandag gecompliceerder en ingenieuzer dan die in eerdere thrillers van het schrijversechtpaar. Meer personages en meer verhaallijnen.
In 1987 wordt een klein meisje op weg naar de snoepwinkel ontvoerd. Een maandenlange speurtocht levert niets op. Het enige resultaat van de ontvoering is dat het huwelijk van haar ouders is gesneuveld. Haar moeder is een nieuw gezin begonnen om niet meer te hoeven denken aan de verdwenen dochter. Haar vader heeft zijn troost in de drank gezocht en haar zus wordt verteerd door schuldgevoel.
Ruim twintig jaar later wordt opnieuw een kind ontvoerd op weg naar de snoepwinkel. Ditmaal een roodharig jongetje met sproeten. Frieda Klein wordt betrokken bij deze verdwijning als haar patient Alan Dekker een paar dagen voor de verdwijning droomt over het hebben van een zoon met rood haar, sproeten en een brede grijns. Na lang aarzelen en lange nachtelijke wandelingen besluit Frieda met dit verhaal naar de politie te stappen. In tegenstelling tot wat ze verwachtte wordt haar verhaal serieus genomen door Karlsson, hoofd van het onderzoek. Voordat Frieda het goed en wel in de gaten heeft, is ze meer betrokken bij het onderzoek dan haar lief is.
Een deel van de ontknoping is helaas iets wat al vaker in thrillers is vertoond en daarmee voorspelbaar. Een goed punt aan het einde is dat niet alles wordt opgelost. Net als in het echte leven blijven wat losse draadjes hangen. Het versterkt de geloofwaardigheid. En er blijft wat over voor een volgend deel.
Nicci French schept ook deze keer levensechte personages, sommige zijn opvallend leuk, kleurrijk en zeker geen standaardtypetjes. Zoals de klusjesman Josef, die boos wordt als mensen hem aan zien voor een Pool terwijl hij uit de Oekraïne komt. Of Reuben de hippie-oprichter van The Warehouse, de instelling voor geestelijke gezondheidszorg waar Frieda voor werkt. Andere zijn ronduit zielig en triest. Het is moeilijk te bepalen of ze slecht, dom of slachtoffer van de omstandigheden zijn.
De schrijfstijl is als vanouds, vlot en goed. Geen mooischrijverij wel veel mooie, treffende beschrijvingen. Zoals bijvoorbeeld van een aantal buurten in Londen. Al zou het op sommige punten beter zijn als er iets aan de verbeelding zou zijn overgelaten. Met name de uitgebreide persoonsbeschrijvingen en het gruwelijk lot van het jongetje.
Alles bij elkaar genomen valt er ondanks de minpuntjes veel te genieten. Mijn complimenten voor Nicci Gerrard en Sean French, dat ze het aandurfden om zichzelf te vernieuwen en nieuwe wegen zijn ingeslagen. Blauwe maandag is het eerste deel van een achtdelige serie rond Frieda Klein. Kom maar op met deel twee!


maandag 29 augustus 2011

Die zomer van David Baldacci: liefde en ontroering in plaats van moord en doodslag

Het blijft vreemd om van een gevestigde thrillerauteur opeens een roman over de liefde te lezen. De lezer verwacht moord, doodslag en achtervolgingen maar krijgt liefde, tranen en ontroering.
De roman Die zomer van de Amerikaanse thrillerauteur David Baldacci zou, als het een film was, een ‘tearjerker’ en ‘feelgood movie’ van de bovenste plank zijn.
In Die zomer is Jack Armstrong gelukkig getrouwd met Lizzie. Samen hebben ze drie kinderen, Michelle/Mikki van 16, Cory van 12 en Jackie van 2. Hun liefde is oneindig dit in tegenstelling tot hun geluk, want Jack is ongeneeslijk ziek en het is de vraag of hij de Kerst wel haalt. Dan gebeurt wat niemand verwacht had: Lizzie verongelukt vlak voor Kerst terwijl ze boodschappen haalt. Na aandringen van Lizzie’s moeder worden de kinderen verdeeld over de familie. Jack blijft alleen achter, klaar om te sterven. Een wonder geschiedt, want Jack geneest volledig, tot verbazing van iedereen. Jack haalt in het late voorjaar de kinderen op bij de familie. Die zomer brengt Jack door met de kinderen in het huis waar Lizzie opgroeide. Precies zoals Lizzie van plan was geweest na het overlijden van Jack. Die zomer maken vader en dochter (opnieuw) kennis met liefde, afwijzing en verdriet en verwerken ze ieder op hun eigen manier het grote verdriet om het verlies van hun vrouw en moeder.
David Baldacci verdient lof voor de realistische manier waarop hij de personages neerzet. Hij heeft zich goed ingeleefd in Jack, die helemaal opgaat in zijn werk. Jack is alleen maar bezig met het opknappen van het huis en de vuurtoren en heeft geen oog voor de kinderen en hun verdriet. Laat staan dat hij iets kan met zijn eigen verdriet. Hij is er van overtuigd dat hij dood had moeten zijn en niet zijn vrouw. Mikki zet ondertussen de eerste schreden op het pad der liefde. Deze weg gaat niet over rozen, zoals zij al snel genoeg ontdekt.
David Baldacci beschrijft de band tussen vader en dochter prachtig. Hun aanvaringen en ruzies maar ook hoe ze elkaar weer terugvinden en erkennen.
Het verhaal is goed en vlot geschreven, zoals te verwachten valt van een thrillerauteur. Net als de lezer wel denkt te weten hoe het af zal lopen, heeft David Baldacci nog een nare verrassing in petto, die alles op losse schroeven zet. En alle zekerheden wegslaat.
Klein minpunt is dat Die zomer een echt Amerikaans ‘romantic fiction’ boek is. Hier en daar voorspelbare emoties en soms ‘over-the-top’ sentimenteel. Geen boek voor de mannelijke liefhebbers van de Baldacci-thrillers. Wel voor vrouwen die graag geraakt willen worden door een boek.

De verschijning van Agathe Wurth: In essentie een goed verhaal

De verschijning, de nieuwe thriller van Agathe Wurth, speelt zich af in Rotterdam, net als haar vorige twee thrillers, Ongeluk (2005) en Maasmoorden (2007). In een interview zegt ze hierover dat haar woonplaats Rotterdam ‘een leuke plaats is om misdaden te verzinnen’.
Inspecteur Leo Vermeulen is in De verschijning inmiddels getrouwd met Freddy Elsinga, zijn gehandicapte buurvrouw en raadgeefster uit de vorige twee boeken. Zij ontvangt een brief van Anneke, een vriendin die jaren geleden haar huisgenote was. Anneke wist niet beter dan dat haar man Johan dertig jaar geleden bij een vrachtwagenongeluk in Schotland om het leven was gekomen. Totdat zij hem opeens zag in de lift van de Rotterdamse Bijenkorf. Niemand gelooft haar. Ten einde raad schrijft Anneke een brief aan Freddy met de vraag of zij haar wilt helpen. Voordat Freddy contact op kan nemen met haar, wordt Anneke in haar auto van de kade het water ingeduwd. Leo Vermeulen en zijn collega Gerard Sanderse gaan de zaak onderzoeken met Freddy als een van de belangrijkste getuigen. Ze ontdekken al snel dat er indertijd gesjoemeld is met de administratie van het transportbedrijf van Johan en zijn familie. Het lijkt erop dat de kille moeder van Johan hier meer over weet dan ze wilt zeggen. Ondertussen moeten Vermeulen en Sanderse ook de geruchten over een belangrijk drugstransport in de haven onderzoeken. Een grote drugshandelaar, genaamd Rodriquez, zou een zeilrace rond de wereld willen gebruiken om drugs te smokkelen.
De verschijning is een prettig geschreven en spannend verhaal. Geen hoogvlieger maar wel goed voor een paar avonden vermaak. De plot steekt gedegen in elkaar, op een minpunt na. Tegen het einde blijkt de factor toeval te groot voor de geloofwaardigheid van een deel van de ontknoping. Jammer!
De personages komen goed tot leven. Het levensverhaal van Anneke is ontroerend en doet levensecht aan. Het zal je maar gebeuren dat na de dood van je man, je schoonmoeder ervoor zorgt dat je de voogdij en zorg over je zoon verliest. De relatie tussen Leo en Freddy komt goed uit de verf. Ze waren beiden gewend aan een leven alleen en hebben samen een modus gevonden waarin ze samen kunnen wonen.
Leuk, die speciale aandacht die Agathe Wurth besteedt aan het eten van de hoofdpersonen. Er zijn maar weinig thrillers waarin zo uitgebreid verteld wordt wat de personages eten en drinken. Op de website van Agathe Wurth zijn de recepten te vinden van gerechten uit haar vorige boeken.
Het boek verdient overigens een betere redactie: ‘nagelveiltje’ in plaats van ‘nagelvijltje’ en redelijk wat zinnen die net niet lekker liepen. Ook zou het boek enorm opknappen van ‘show, don’t tell’. Nu worden scènes vaak net iets te lang uitgesponnen. Dit zorgt voor ruis en geneuzel in het boek en ergernis bij de lezer.
Desondanks is het te hopen dat Agathe Wurth de lezer niet weer vier jaar laat wachten op een volgend boek over Freddy, Leo en Gerard. In essentie is De verschijning een goed verhaal, de uitwerking had echter beter gekund.










Stille getuigen: voor iedereen die meer wilt weten over het NFI

In tv-programma’s zoals CSI is wekelijks te zien hoe slimme laboranten de meest ingewikkelde moordzaken oplossen. Dankzij die ene achtergelaten vingerafdruk, haar of vezel weten zij de moordenaar te vinden in de grote online database.
Medewerkers van het Nederlands Forensisch Instituut weten dat forensisch onderzoek in het ‘echt’ vaak anders verloopt. Het boek Stille getuigen licht een tipje van de sluier op. Vijfentwintig Nederlandse thrillerauteurs mochten meelopen met vijfentwintig forensisch onderzoekers in evenzoveel disciplines. Vervolgens schreven de auteurs een spannend verhaal over hun ervaring. Een pittige uitdaging, want het verhaal moest niet alleen spannend en verrassend zijn, compleet met twist op het einde, maar ook moest de onderzochte forensische techniek centraal staan. Gelukkig slagen vrijwel alle thrillerauteurs hierin.
De verhalen in Stille getuigen zijn min of meer van gelijk kaliber. Allen goedgeschreven en spannend. De NFI expertise is er netjes in verwerkt. De meeste verhalen hebben een verrassend einde of iets dat daar voor door moet gaan.
Bij sommige auteurs zou het niet nodig geweest zijn hun naam te vermelden bij het verhaal. Hun stijl is zo herkenbaar. Zo weet Tomas Ross in slechts een paar bladzijden een complete complottheorie neer te zetten, zoals we dat van hem gewend zijn in zijn boeken.
Een paar verhalen vallen op en blijven wat langer bij de lezer hangen. De verrassende twist in Eight days a week van Nicolet Steemers laat de lezer achter met een wrang gevoel. Klasse! Judith Visser speelt in Een goede buur met een dubbele persoonlijkheid. Het verhaal zou het in uitgebreide vorm ook goed doen als thriller. Bericht van Dick van den Heuvel is vooral een droevig verhaal over de gevolgen van een ruzie, losjes gebaseerd op de actualiteit.
Compleet buiten de gebaande paden gaat het verhaal van Peter de Zwaan. Hoofdpersoon is Rudy die in de ‘autoschade’ zit en een verkeerd pilletje heeft geslikt. Hij gaat tamelijk hardhandig op zoek naar de degene die hem het pilletje heeft gegeven en de fabrikant ervan. De ergernis van Rudy Weustink is een onconventioneel, grof verhaal mét humor. Het is te hopen dat Rudy Weustink terugkomt in een volgende thriller van Peter de Zwaan. Deze kleurrijke kleine crimineel verdient het.
Stille getuigen is voor iedereen die meer wilt weten over forensisch onderzoek in Nederland en tegelijkertijd wilt genieten van een spannend verhaal.


zaterdag 13 augustus 2011

Mijn straat is geel van Lizette Dalebout: (Over)leven in Shanghai

Hans Dalebout, man van auteur Lizette Dalebout, kreeg in 2004 het aanbod om samen met een Chinese zakenpartner een bedrijf op te zetten in Shanghai. Het plan was dat ze met de kinderen hooguit een jaar zouden blijven totdat de fabriek goed zou draaien. Nu, in 2011, wonen ze nog steeds in Shanghai, al was er even sprake van dat het gezin zou verhuizen naar Achmedabad in India.

In Mijn straat is geel geeft Lizette Dalebout een boeiend verslag van het dagelijks (over)leven van een Nederlands expatgezin. Het was niet haar keuze om in Shanghai te wonen, desondanks probeert ze er het beste van te maken voor zichzelf en haar kinderen. Ze leert Mandarijn, regelt een ‘fixer’. In dit geval Lingyi, een jonge Chinese vrouw die haar tolk is voor zowel taal als cultuur. Bij toeval ontdekt Dalebout Yue-Sai Kan, een beroemde Chinese vrouw met eigen make-up merk en tv-show. Al snel krijgt ze het idee een soort Chinese Oprah-magazine of LINDA te maken rond deze intrigerende vrouw. Lizette Dalebout weet haar inspanningen op een geweldige, hier en daar humoristische manier te beschrijven.

Lizette Dalebout wil haar kinderen graag een stabiele achtergrond geven. Iets wat niet eenvoudig is in wereldstad Shanghai. Bovendien gaan de kinderen naar een internationale school met kinderen uit vele culturen. Haar dochter leert niets op haar eerste school en is er ongelukkig. Lizette Dalebout zoekt onvermoeibaar naar een betere school voor haar.

Mijn straat is geel blinkt uit in de scherpe observaties over de Chinese volksaard. In een eigenzinnige stijl met veel korte constaterende zinnetjes beschrijft ze het gedrag van de Chinezen in Shanghai en de manier waarop zij en andere buitenlanders er op reageren. Overbodig te zeggen dat dit vaak met verbazing en verbijstering is. In Shanghai wonen veel Chinezen met ambitie en sterke handelsgeest. Loyaliteit naar anderen is hen vreemd. Ze gaan 100% voor zichzelf. Hans Dalebout ontdekt op een dag dat zijn fantastische secretaresse na jaren goede inzet, geld van het bedrijf verduisterd heeft om zelf een bedrijf op te zetten. Nadat hij haar ontslagen heeft, wil ze hem een voorstel doen voor een zakelijke samenwerking.

Het lijkt alsof Mijn straat is geel een verzameling columns is. Het verhaal is niet gestroomlijnd, springt van de hak op de tak. Vreemd genoeg is het niet storend. Het past goed bij een verslag van het leven in een land waar dingen opeens veranderen.


Bovenstaande recensie is gepubliceerd in BOEK juli/augustus 2011


donderdag 14 juli 2011

Boetedagen van Michael Gregorio: geen standaard historische thriller

De historische thriller Boetedagen van Michael Gregorio gaat in vele opzichten buiten de gebaande paden en wijkt daarmee af van de standaard historische thriller. En dat is een prettige verademing.
Vele historische thrillers spelen zich af in het zonnige Frankrijk of Italië, bij voorkeur in de middeleeuwen of de Renaissance. Vaak iets met religie, geheimzinnige genootschappen en koningen of edellieden. De historisch geschoolde lezer vindt regelmatig een anachronisme, vaak in taalgebruik, gedrag of voedsel.
Niets van dit alles in Boetedagen van Michael Gregorio. Het decor van deze historische thriller is, het door de Fransen bezette, Pruisen in het extreem koude najaar van 1807. Hoofdpersoon is procureur Hanno Stiffeniis. Net als in Kritiek van de criminele rede, het vorige boek van Gregorio, speelt het werk van Immanuel Kant een belangrijke rol. Boetedagen begint met een ongemakkelijke conversatie over Kant tussen Hanno Stiffeniis en de Franse kolonel Lavedrine tijdens het jaarlijkse diner-dansant bij graaf Dittersdorf in Lotingen. Stiffeniis heeft het een en ander te verbergen over zijn samenwerking met Kant terwijl Lavedrine enthousiast zijn kennis etaleert. Later die nacht wordt Stiffeniis ruw uit zijn bed gehaald. Er zijn drie vermoorde kinderen gevonden. Hun moeder is spoorloos verdwenen, hun vader is als majoor gestationeerd in Kamenetz. Lavedrine en Stiffeniis krijgen opdracht om samen de moorden op te lossen. Een heikele onderneming voor Stiffeniis want hij moet samenwerken met de Franse bezetters, opletten dat er niet een nieuwe pogrom tegen de joden begint en ervoor zorgen dat zijn geheimen niet onthuld worden. Intussen maakt hij zich ook nog zorgen om de gezondheid en veiligheid van zijn vrouw en kinderen.
Gregorio brengt door de ogen van Stiffeniis de verschillen tussen de twee mannen goed in beeld. Lavedrine gaat uit van zijn waarneming. Het antwoord op de moorden moet, volgens hem, liggen in het huis en wat daar te zien is. Dit in tegenstelling tot Stiffeniis: hij gaat op zoek naar het motief. Hij gelooft dat de moordenaar gevonden kan worden door te begrijpen waarom de moorden gepleegd zijn.
Boetedagen laat zich lezen als een thriller over de begindagen van het systematische moordonderzoek. Het onderzoek, waarbij de heren zich soms laten (mis)leiden door vooroordelen, wordt geloofwaardig neergezet.
De stijl waarin Boetedagen is geschreven is opvallend. Geen moderne uitdrukkingen en manier van spreken maar ouderwetse en plechtige taal. Ongeveer zoals je je voorstelt dat mensen in die tijd spraken. Hetzelfde geldt voor de manier waarop Stiffeniis met zijn vrouw omgaat. Hij ziet zichzelf als de pater familias en zijn vrouw als een teer wezen dat beschermd dient te worden en niet goed voor zichzelf kan zorgen. Niet van deze tijd, maar wel geloofwaardig voor begin 19e eeuw.
Ook het ik-perspectief van Boetedagen doet authentiek aan. De meeste romans werden begin 19e eeuw geschreven of vanuit het ik-perspectief of vanuit de alwetende verteller.
Alles bij elkaar ademt het gehele boek in alle opzichten consequent de sfeer uit van de 19e eeuw. Knap werk!
Helaas heeft dit wel gevolgen voor de spanning. Een 21e eeuwse lezer verwacht iets meer snelheid en iets minder filosofische uitweidingen, hoe interessant die ook zijn. Desondanks is Boetedagen een prachtige historische thriller voor de lezer die eens wat anders wilt lezen.